In 2004 zijn we met een groep mensen naar de ST in Zwitserland gereist zoals we dat wel vaker doen. Thijs heeft hiervan een verslag geschreven. Inmiddels is Thijs een ST-veteraan.
‘Helemaal daarheen en weer terug’
Hé hé, het zit er weer op. Na een lang weekend van hard trainen (nu alweer een week geleden) is het gedaan met de zomer-Special Training van 2004. Maar, laat ik bij het begin beginnen ...
Woensdagochtend rond de klok van zevenen vertrokken we gevieren (i.e. Kees, Jeroen, Eldred en Thijs) per auto naar Zwitserland om aldaar een weekendje de inboorlingen te pesten.
Allereerst was daar de kennismaking met Eldred, mijn achterbankcompagnon, die ik nog nooit gezien had. Na mijn tassen achterin Kees’ bolide te hebben gepropt en een plek op de achterbank veroverd te hebben, kon de reis wat mij betreft beginnen.
Eldred en ik hadden het ons net comfortabel gemaakt toen Jeroen achter het stuur kroop. En nee, het kon ook niet missen, na een tijdje te hebben gecruised op de Duitse autobahn was het al raak: Douane! Met de welbekende Duitse hartelijkheid werd ons verzocht om uit te stappen. Na ons ontkennende antwoord op de vraag of we drugs bij ons hadden moest dat natuurlijk nog even gecontroleerd worden. Logisch natuurlijk, gezien Eldred’s huidskleur en Kees’ campingsmoking. Onduidelijk of het nu Jeroen’s ondergoed of ‘t bericht dat we karateka’s waren de aftocht van Helmut en Olli veroorzaakte, mochten we onze reis voorzetten. Kees maakte zich al zorgen over de Zwitserse grensposten, maar Eldred’s betrouwbare uiterlijk zorgde ervoor dat we hier geen verdere problemen ondervonden. Eenmaal diep in Zwitserland begon echter de ellende: Stau, oftewel - omdat we in het Franstalige deel van het land zaten – een embouteillage. Daar Eldred nog nooit in Zwitserland geweest was, besloten we de touristische route langs het meer van Geneve te nemen. Na een uurtje of twee door de stadscentra van Montreux en Vervey gereden te hebben, besloten we maar dat we genoeg hadden gezien. Eenmaal weer op weg was het een klein eindje naar het pittoreske en o zo mooie St. Maurice. Na een uurtje of twaalf in de auto gezeten te hebben konden we ons eindelijk neer laten zakken op de heerlijke matrassen in het hok dat voor de komende paar dagen ons thuis zou zijn.
Dag 1: Despair
De volgende ochtend was het al meteen raak: in alle vroegte op je blote poten hardlopen. Verbaasd over de hoeveelheid Zwitsers die zich in de loop van de nacht in het klooster annex internaat hadden verzameld, daalden we af naar de dojo. Na even lekker de spieren gestrekt te hebben in de kihon was het tijd voor het ontbijt en direct aansluitend het schoonheidsslaapje. Eldred was blij dat de kicks erop zaten, de rest hield zich echter wijselijk stil. De lunch rond twaalven ging er wel in, zo vlak voor het middagdutje (ja, ik weet het, Special Training is zwaar!). Van 3 tot 5 moesten we echter ons avondeten verdienen door buiten in het zonnetje (+ crème!) Ten No Kata te doen. Diezelfde avond nog had Kees een black belt training maar de rest van de Hollandse delegatie lag lekker al op één oor.
Dag 2: Renewed Hope
Vrijdags begon het hele circus opnieuw, d.w.z. om half vijf uit je bed getrommeld worden om je voeten gevoelloos te maken, alvorens aan de eerste training te beginnen. In de kibadachi bezweek een Zwitserse Ikyu onder Jeroen’s verlammende blik: alvast een voorproefje voor de Dantest! Toen deze training erop zat smaakte het ontbijt extra goed en konden we weer ons bedje in. Tot Eldred’s schrik bestond de training van diezelfde middag uit Ten No Kata-kicks; vooral lekker met die tweedehands’ benen na de kibadachi. ’s Avonds was er voor de brown belts van 21.00 tot 22.00 u en voor de black belts van 22.00 tot 23.00 u een technische training. Aansluitend waren er om middernacht de 1000 (!) oi-zuki’s.
Dag 3: Serenity
Daar het de vorige nacht nogal laat was, mochten we zaterdagochtend een uurtje langer blijven maffen. De training begon nu voor de verandering eens om zes uur, maar niet voordat we gerend hadden. Tijdens het ontbijt en de lunch hing er een gespannen sfeer voor de training van die middag: kumite. Achteraf gezien viel het dit jaar mee: Kees had zijn nieuw verworven trucjes kunnen testen, Jeroen kon zich inhouden bij het breken van Zwitserse polsjes en Eldred had zichtbaar indruk gemaakt op grote baas Guy Udriot. De stemming onder de deelnemers was zichtbaar opgeklaard; de meest gevreesde training zat erop en met nog een training voor de boeg was het einde in zicht. Toch stond er nog een slapeloze nacht te wachten voor diegenen die zich voor hadden genomen om een Dantest te doen.
Dag 4: Judgement Day
De ochtendtraining op zondag bestond voornamelijk uit kata. Ook voor ondergetekende pakte dit nuttig uit gezien de Basai-o-meter. Na een anderhalf uur getraind te hebben was het woord aan Udriot, die nog enkele zaken uit de doeken deed. Daarna zat het er min of meer op betreffende de Special Training. Voor geïnteresseerden en deelnemers begon om 9.30 de Dantest. Met drie van de vier Nederlanders als gegadigde waren we goed vertegenwoordigd. Hoewel de hele test nogal een tijdje in beslag nam (naast Shodan waren er ook Nidan en Sandan tests) vond ik het een zeer leuke en interessante ervaring. Hoewel het op zich niet veel anders is dan een kyu-test verbaasde ik mijzelf over het verschil tussen een Sandan-test en alles wat daarvoor komt. Vooral het Tori-te-gedeelte kon zo voor Jiu-Jitsu door. Na de test was er een uitgebreid maal van 4(!) gangen (ook dit keer niet het felbegeerde vruchtentoetje) voordat de uitslag bekend werd gemaakt. Tot milde ergernis van de afwachtenden werden nog eerst de banden en kalligrafieën voor de geslaagden van vorig jaar uitgedeeld. Daarna was het zover: de uitslag. Van de 13 Ikyu’s die voor Shodan gingen slaagden er 5 (waaronder natuurlijk onze Eldred en Jeroen). De 8 Shodans die voor Nidan gingen slaagden, na lang overleg met de Zwitserse Godans, geen van allen. Jammer voor Kees, maar de hoeveelheid opgedane kennis en aanwijzingen maakten deze Dantest voor hem toch van veel nut; ‘Ieder nadeel heb zijn voordeel’, laten we maar zeggen. Voor de volledigheid: van de 3 Nidans die voor Sandan gingen, slaagden er 2.
Na afscheid te hebben genomen van alle bekenden en minder bekenden was het voor ons hoog tijd om de reis terug te ondernemen. Zonder echte problemen (of ik moet erdoorheen geslapen zijn) en het eerste fatsoenlijke maal sinds tijden ( Currywurst mit Pommes) kwamen we aan in Nederland. De Special Training was voorbij, op naar de volgende!
Do’s en don’ts tijdens een ST
| Do’s | Don’ts |
| 1, Eten | 1. Go spelen (!) en niet kunne opruimen |
| 2. Slapen | 2. Snurken |
| 3. Trap lopen | 3. De lift nemen i.p.v. de trap |
| 4. Douchen | 4. De douche rechts achterin nemen |
| 5. Volhouden | 5. Over Nederlandse architectuur praten |
Motto’s
Jeroen: “Wat in je mond zit is van jou!” (in verband met het ontbijt, de lunch en het avondeten)
Kees: “Pas maar op voor het kannibaaltje dat je neerschiet en je mond leegvreet!” (in verband met Jeroen’s motto)
Eldred: “Ik heb me tijdens de trainingen ingehouden om in de Dantest-groove te komen” (in verband met vermeend drukgedrag)
Thijs: “Gaap, snurk en Zzzzzzz”
| < Vorige |
|---|


